We hebben ze allemaal; thema’s of patronen die terug blijven komen in je leven, net zolang totdat je ze echt goed hebt beetgepakt. Deze meta-skill gaat over de neiging om steeds weer in dezelfde valkuil te stappen. En je vermogen om ervan te leren, je erop te bezinnen en dankbaar te zijn voor de lessen die erin verscholen liggen. Je ‘eigen-wijze’ patronen dagen je uit het oké te vinden dat je soms even uitglijdt en dat het dan schuurt. Vallen en weer opstaan. Opnieuw kijken en herijken. Met mildheid, humor en acceptatie … Het einde van de ene beweging is de start van de volgende.
Als je ‘gewoon’ de wijsheden en oefeningen uit het boek en van de voorgaande meta-skills toepast, zul je merken dat je minder vaak in je oude patronen terechtkomt, dat je – als dat toch gebeurt – er minder lang in hoeft te blijven, en dat je er ook minder gefrustreerd, geïrriteerd of hopeloos van hoeft te worden. Je hebt het sneller door, haalt een keer diep adem, tovert je ‘inner smile’ naar boven en doet wat je te doen hebt om in een constructievere modus te komen. Misschien heb je al voldoende ‘geleerd’ met de diverse voorgaande oefeningen. Wil je toch nog even een laatste keer ‘genadeloos eerlijk’ naar jezelf kijken en checken of er een oud eigen-wijs patroon is die nu zichzelf laat zien? Onderstaande oefeningen geven een steuntje in de rug.
Reflecteer regelmatig eens op je dag: Waar was je die dag daadkrachtig, richtinggevend, actiegericht (mannelijke energie)? Waar was je ontvankelijk, luisterend, verbindend (vrouwelijke energie)? Was er balans of ben je misschien doorgeschoten naar te veel controle (yang) of te veel meebewegen (yin)?
Herken je te veel yang? Doe dan een ademhalingsoefening, ga een eindje wandelen zonder doel, ontspan bewust je lichaam.
Herken je te veel yin? Recht dan je rug, spreek uit wat je wilt of zet een daadkrachtige stap.
Ieder patroon is ooit begonnen als een ‘copingmechanisme’, dat nodig was of de beste oplossing leek op dat moment.
Sta even stil bij hoe dit patroon jou geholpen heeft in je leven. Wat was de oorspronkelijke kracht en bedoeling van dit patroon? Waar heeft het je tegen beschermd? En welk deel van je patroon kun je wellicht behouden op een manier dat het je dient in je huidige context?
Zodra je voelt dat een oud patroon zich aandient (bijvoorbeeld je werkt weer veels te lange dagen, of je stapt de laatste tijd vaker naar de achtergrond dan je lief is), pauzeer, stap uit je gebruikelijke reactie en stel jezelf deze vraag: Wat als ik dit nu eens anders zou doen?
Bedenk drie mogelijke nieuwe reacties en voer er één uit, hoe klein ook. Als je bijvoorbeeld altijd ‘ja’ zegt en vaak over je eigen grenzen gaat, experimenteer dan eens door een dag lang (of als dat een te grote stap is, een uur lang) ‘nee’ te zeggen op alles. Of als die stap ook nog te groot is, te zeggen: ‘ik moet er even over denken, ik kom erop terug’.
Schrijf eens op welk patroon steeds terugkomt in je leven. Bijvoorbeeld: steeds te veel verantwoordelijkheid nemen, jezelf wegcijferen, of snel afhaken bij weerstand. Stel je dan voor dat je in een soort ‘spelomgeving’ zit.
Hoe zag die omgeving eruit in je tienerjaren? En welke vorm had je herhalende patroon toen?
Kijk dan steeds ca 5-10 jaar verder in de tijd. De context verandert steeds, alsof je weer in een ‘next level’ van je spelomgeving zit. Is je patroon ook anders in die andere omgeving? Is het subtieler geworden? Of juist krachtiger? Komen er nieuwe aspecten bij? Kun je zien waar je gegroeid bent? Hoe zou je willen dat je, de volgende keer dat dit patroon zich aandient, er mee omgaat?